de eerste wereldoorlog breekt uit
‘La Guerre. Partie de Berlin. Theatre fermé.’ schrijft Margaretha in haar plakboek. Ze zit voor optredens in Berlijn, maar op 3 augustus 1914 verklaart Duitsland de oorlog aan Frankrijk. De Eerste Wereldoorlog breekt uit en alles verandert. De lichten zijn gedoofd en ‘the show is over’.
Optreden is nu niet meer mogelijk. Voor inkomsten is Margaretha afhankelijk van haar minnaars. Ze is beroemd, opvallend mooi, intelligent en spreekt haar talen. Ze vertrekt uit Duitsland om haar geluk elders te beproeven.
Overal waar ze komt, trekt ze mannelijke aandacht. Ook die van onwelkome partijen: binnen de kortste keren heeft ze de Duitse, de Britse én de Franse inlichtingendienst achter zich aan. Langzaamaan raakt Margaretha verstrikt in een web van intriges.
spioneren voor de duitsers
Margaretha vertrekt uit Berlijn en vestigt zich in 1915 in Den Haag, wederom op kosten van een vermogende minnaar. Daar krijgt Margaretha op een avond bezoek van een Duitse consul, die bijklust voor de Duitse geheime dienst. Hij weet dat ze regelmatig naar Parijs gaat en wil haar rekruteren als spion. Als reizende artieste is ze daarvoor uiterst geschikt. Omdat Nederland neutraal is, mag Margaretha bovendien vrijelijk door Europa reizen. Ze is bovendien erg intelligent, spreekt haar talen en heeft overal connecties.
Als ‘agent H21’ moet ze inlichtingen verzamelen ‘van allerlei aard’. De vergoeding bedraagt 20.000 francs (zo’n 50.000 euro). Hoewel Margaretha het te weinig vindt, neemt ze het aan - naar eigen zeggen met het plan er nooit iets voor te doen. Ze kan het geld wel gebruiken en bovendien heeft ze nog een rekening met ze te vereffenen: bij het uitbreken van de oorlog vorderden Duitse schuldeisers haar dure bontjassen. Ze weet niet dat de Britten door hun netwerk van Nederlandse geheim agenten ook vrijwel meteen weten van haar contacten met de Duitse geheime dienst. Ondanks dat Margaretha in Duitsland zelfs nog een meerdaagse ‘spoedcursus spionage’ wordt doorgeloodst, lijkt ze haar missie niet erg serieus te nemen. Zelf zal ze later zeggen dat ze die ordinaire flesjes onzichtbare inkt onderweg naar Parijs meteen overboord heeft gegooid.
Eenmaal terug in Parijs, in juni 1916, pakt Margaretha haar glamoureuze leven weer op. Daar heeft de Franse inlichtingendienst haar, getipt door hun Britse collega’s, direct in het vizier. Vanaf de dag na haar aankomst wordt ze geschaduwd door twee geheim agenten die elke dag verslag uitbrengen van al haar activiteiten. Alles in de hoop de beroemde Mata Hari te kunnen betrappen op pro-Duitse activiteiten.
spioneren voor de fransen
Maanden aan achtervolgingen, het openstomen van haar post en het ondervragen van haar contacten leveren niets op, tot grote frustratie van Ladoux, het hoofd van de Franse inlichtingendienst.
Maar dan vat Margaretha in augustus het plan op om een reisje naar Vittel te maken: een luxe kuuroord vlakbij de frontlinie. Omdat Vittel in de militaire zone ligt, heeft ze daar een speciale reisvergunning voor nodig. Een oude vriend verwijst haar daarvoor naar de Dienst Vreemdelingenzaken, gevestigd op 282 Boulevard Saint-Germain. Het hoofdkwartier van de Franse inlichtingendienst zit daar echter ook. En zo loopt ze binnen bij kapitein Ladoux, het hoofd van de dienst én haar al maanden tevergeefs probeert te betrappen op spionage voor de Duitsers.
Als Margaretha terug is uit Vittel, zet Ladoux zijn val. Hij wendt voor dat hij haar wil rekruteren als Franse spion. Ook Margaretha ruikt een kans en vraagt de hoofdprijs: 1 miljoen francs (2,5 miljoen euro). Ze zit in ernstige geldnood en wil een nieuw leven opbouwen met de jonge Russische kapitein waar ze intussen stapelverliefd op is geworden.
Ladoux gaat akkoord. Margaretha en hij komen overeen dat ze via Nederland naar Brussel zal reizen om daar naar hooggeplaatste contacten gevoelige militaire informatie te ontfutselen. Betaling volgt wanneer de missie volbracht is.