mannen, mannen en nog eens mannen

Spreek het woord minnaar uit. Langzaam, laat het even op je lippen rusten. Doe gerust je ogen dicht en proef het woord, letter na letter.

Wedden dat je even iets van verlangen voelt?

Mata Hari sprak het woord minnaar, of amant zoals ze meestal in het Frans zei, uit als een vanzelfsprekendheid. Niet zozeer omdat ze zo naar ze verlangde, maar wel omdat haar minnaars een bron van inkomsten waren en het beeld bevestigden van Mata Hari, de verleidelijke vrouw, aan wie maar weinig mannen konden ontsnappen.

De Fransen noemden haar, toen ze beschuldigd werd van spionage, niets meer dan een goedkope hoer. Maar in haar glorietijd, vanaf 1905, waren minnaressen en courtisanes een geaccepteerd maatschappelijk verschijnsel. Vrouwen als Mata Hari voelden zich onafhankelijk, met een vrije seksuele moraal en konden daar openlijk voor uit komen. Hun relaties met mannen waren geen stiekeme verliefdheden, waarbij je met z’n tweeën de bezemkast induikt.

Mannen hadden in het openbaar maîtresses, ook al kostte hen dat heel veel geld. ‘Het mes snijdt aan twee kanten’, schrijft Julie Wheelwright in haar boek The Fatal Lover. ‘De mannen hielden er, onafhankelijk van hun huwelijkse verplichtingen, een bevredigend seksleven op na, terwijl de courtisane genoot van haar financiële onafhankelijkheid, sociaal aanzien en soms ook een zekere mate van politieke macht.’

Ik heb geprobeerd een lijstje aan te leggen van haar minnaars en toen ik de twintig voorbij was, raakte ik de draad kwijt. Mata Hari niet, ze hield er tegelijk meer mannen op na en sprak daar open over, ook tegenover haar ondervragers: ‘Eind juli 1914 dineerde ik een avond ‘en cabinet particulier’ met een van mijn minnaars, de politiechef Griebel.’ Dat was in Berlijn.

Wie waren de mannen van Mata Hari, die geld hadden, hoge functies en/of een uniform droegen? Dit is wat ze zelf over ze zei tijdens de verhoren door het Franse oorlogstribunaal.

Alfred Kiepert, Duits officier. ‘In februari 1910 ging ik naar de opera van Monte Carlo’, vertelt ze haar Franse ondervragers toen ze in de cel zat. ‘Daar ben ik de maîtresse geworden van luitenant Alfred Kiepert. Ik ben 3 jaar bij hem gebleven. Hij installeerde me in Berlijn, hij heeft me groots onderhouden, was heel rijk. Hij heeft me 300.000 marken meegegeven.’…

Felix Xavier Rousseau, een Franse bankier. …. ‘Daarna ben ik naar Parijs teruggekeerd waar de bankier Rousseau mij als zijn maitresse heeft genomen. Met hem heb ik een luxe leven geleid, ik had een villa in Neuilly.’ Rousseau, die Mata Hari vier volbloed paarden gaf in een met rood fluweel beklede stal – zo vertelde het dienstmeisje Pauline Bessy later - ging aan haar failliet.

Arnold von Kalle, Duitse militair attaché in Madrid. ‘Ik deed wat een vrouw doet wanneer ze een heer wil veroveren en ik had al snel in de gaten dat Von Kalle de mijne was.’

Markies Fernand de Beauffort, commandant van de Belgische lansiers: ‘Ik ben drie maanden in Parijs gebleven en werd de maîtresse van markies De Beauffort. Hij hielp me de verveling te verdrijven.’

Eduard Baron Van der Capellen, kolonel bij de huzaren. ‘De baron is nog steeds mijn minnaar, hij heeft me geïnstalleerd in Den Haag, aan de Nieuwe Uitleg.’

Ze had ook aanbidders die een relatie met haar fantaseerden. Apie Prins, een Nederlandse bohémien beweerde dat hij ‘iets’ met haar had gehad tijdens de Eerste Wereldoorlog. En ene dr. Joaquin Matres uit Tanger noemde haar de liefde van zijn leven. Kort voor haar terechtstelling was hij nog bij haar langs geweest in haar cel, schreef hij aan Mata Hari-biograaf Sam Waagenaar.

En nu het woord liefde toch valt: de enige man die ze niet haar minnaar noemde, was Vadim de Massloff, met wie ze in 1916 een relatie kreeg. Hij werd haar verloofde, tot vlak voor haar dood.

Tijdens het proces in Parijs lieten vrijwel alle mannen haar vallen als een baksteen. Een verhouding met een danseres is één ding, maar met een geraffineerde, decadente en erotische spionne? Daar wilde niemand z’n vingers aan branden. Bovendien was het maatschappelijk beeld door de Eerste Wereldoorlog totaal gekanteld. Vrouwen met een losbandige seksuele moraal kregen het stempel gevaarlijk en werden met de nek aangekeken. Alleen had Mata Hari dat zelf niet door.

En de minnares? Die bestaat nog steeds. Denk even aan de foto die heel de wereld over ging van de Franse president Hollande, op de scooter op weg naar z’n maitresse. Of aan de begrafenis van een van zijn voorgangers, François MItterand, toen zijn echtgenote Danielle en zijn maîtresse Anne Pigeot gezamenlijk rond zijn graf stonden.

Ik doe mijn best het woord amant uit te spreken, net als zij. Het voelt ouderwets. De courtisanes van toen zijn ruimschoots ingehaald door de tijd.